Spring naar inhoud
Books4Languages logo
Schakelen Menu
  • Home
  • Lezen
  • Aanmelden
  • Sign Up

Dutch Grammar A1 Level

‘Hebben’ in de O.T.T.

‘Hebben’ in een vraag (O.T.T.)

‘Zijn’ in de O.T.T.

‘Zijn’ in een vraag (O.T.T.)

Aanwijzend voornaamwoord

Andere voorzetsels

Bepaald lidwoord (de – het)

Bezittelijk voornaamwoord: bijvoeglijk

Gewone zin

Hoofdtelwoord (1)

Hoofdtelwoord (2)

Hoofdtelwoord (3)

Modale werkwoorden (kunnen)

Modale werkwoorden (moeten)

Modale werkwoorden (mogen)

Modale werkwoorden (willen)

Modale werkwoorden (zullen)

Negatie

Onbepaald lidwoord (een)

Onpersoonlijk werkwoord

Onvoltooid tegenwoordige tijd (O.T.T.) (regelmatig)

Persoonlijk voornaamwoord: onderwerp

Persoonlijk voornaamwoord: voorwerp

Rangtelwoord

Trappen van vergelijking

Trappen van vergelijking (uitzonderingen)

Verkleinwoord

Voegwoord (nevenschikkend)

Voorzetsels van plaats en richting

Voorzetsels van tijd

Vragend voornaamwoord

Zelfstandig naamwoord (geen meervoud)

Zelfstandig naamwoord (meervoud op -‘s)

Zelfstandig naamwoord (meervoud op -en)

Zelfstandig naamwoord (meervoud op -s)

Books4Languages

Created with use of Wordpress and Pressbooks

  • Catalog |
  • Site index |
  • Exercises |
  • TOS |
  • Privacy |
  • Forum |
  • Membership |
  • Contact |
  • Newsletter
facebook b4l Books4Languages on Facebook twitter b4l Books4Languages on Twitter